De stelling
Een goede stelling
Elk debat heeft een stelling met het doel om duidelijk te maken waarover het debat gaat. Een goede stelling is helder, bondig, stellig, bevat geen argumenten en moet voldoende ruimte bieden aan voor- en tegenstanders.
Twee soorten stellingen
Er zijn twee soorten stellingen: beleidsstellingen en waardestellingen. De eerste soort geeft een bepaald voorstel voor nieuw beleid terwijl de tweede soort een waardeoordeel geeft over een bepaald verschijnsel. Met beide soorten stellingen valt een goed debat te voeren, hoewel debatten met concrete beleidsvoornemens vaak makkelijker zijn om over te debatteren. Als je een waardestelling vervelend vindt, kun je deze altijd omvormen tot een beleidsstelling.
Herdefiniëren van een stelling
Stellingen kun je herdefiniëren en wel op verschillende manieren en op verschillende gronden. Echter is dat wel iets om mee op te passen omdat dat niet altijd geaccepteerd wordt door een jury. Vaak zijn regels hiervoor vastgelegd in het debatreglement. Je kunt er meestal echter wel voor kiezen om van een waardestelling een beleidsstelling te maken, of om een stelling in te perken of uit te breiden, al moet je er altijd voor zorgen dat de tegenstander nog wel een goede te debatteren stelling voor zich heeft.
Voor- en tegenstanders
Twee kampen
In een debat zijn de deelnemers in twee kampen verdeeld: voor- en tegenstanders. Beide kampen krijgen evenveel tijd om argumenten naar voren te brengen. Als voorstanders heb je de taak om de stelling te definiëren, nader uit te werken in een plan, en met argumenten het publiek of de jury overtuigen van nut en noodzaak van jouw plan. De tegenstanders kunnen schieten op het plan, en hun betoog ondersteunen met argumenten. Daarnaast mogen ze ook alternatieven bieden, maar daar niet te veel de nadruk op leggen. Het moet immers wel over de stelling blijven gaan.
Geen mening
Belangrijk om te blijven herinneren in een debat is dat je geen mening hebt op dat moment, althans in zoverre dat je eigen mening er niet toe doet. Als overtuigd vegetariër zul je dus soms voor een intensieve veeteelt moeten pleiten, en als verstokt roker voor een rookverbod in de horeca. De ware debater kan zich onderscheiden doordat hij zijn eigen mening uit kan schakelen en aan elke stelling twee goed te verdedigen kanten verbonden ziet.
Vaste spreektijden
Spreektijden
Eén van de belangrijke verschillen tussen een discussie en een debat is dat de laatste gereguleerd is. Dit houdt onder andere in dat je niet zelf kunt bepalen wanneer je gaat spreken maar dat dit afhankelijk is van de debatvorm en de daarbij behorende spreektijden. Zo zijn er debatvormen – zoals het Amerikaans Parlementair debat – waarin twee teams van twee personen om de beurt 2, 3, 5 of soms wel 7 minuten kunnen spreken.
Interventies
In sommige debatten zijn ook interventies mogelijk, ofwel interrupties. Deze zogenaamde ‘punten van informatie’ kunnen tijdens een debatbeurt van de tegenstander worden ingebracht en kunnen je – mits de tegenstander dat toelaat – in staat stellen om in de tijd van de tegenstander zijn argumenten omver te werpen. Het gebruik van interventies verschilt van debat tot debat, maar maken het debat in alle gevallen spannender en interessanter.
Beoordeling door jury en/of publiek
Richt je op publiek en/of jury
Eén van de meest voorkomende fouten tijdens het debatteren is het als debater niet richten op het publiek of de jury maar op de tegenstander. Soms is het zelfs zo erg dat het lijkt alsof men elkaar probeert te overtuigen. Echter zal Nixon geweten moeten hebben hij Kennedy nooit zal overtuigen, en zo zal dat andersom ook zijn. Een goede debater richt zich op het publiek of de jury want dat zijn de mensen die je moet overtuigen. Je kunt deze dan in principe ook aanspreken op meerdere momenten in het debat.
Jurering
Als je uiteindelijk beoordeeld wordt door een publiek zal je iets meer je emotie moeten laten zien en iets meer gebruik moeten maken van non-verbale technieken dan als je beoordeeld wordt door een professionele jury. Deze analyseert het debat over het algemeen grondig en laat daar in de eerste plaats op argumenten. Om een wedstrijddebat te winnen zul je dus met name op je argumenten moeten letten en het zo helder en overtuigend mogelijk naar voren brengen van deze argumenten.
Praktische opmerkingen over debatteren
Gepost door
Ouke Arts
op
dinsdag, april 07, 2009
Labels: debatteren